De nieuwe kleren van de keizer
Home | Over deze site | Utopie | De Tocht | Invallen | Aantekeningen
Correspondentie | De Papalagi | Deuren der Waarneming | The Matrix
Links | Mail


Over deze site

Het is een wonderlijke en nauwelijks geloofwaardige boodschap die deze site bevat. Altijd heb je gehoord dat er toch geen weg terug meer is, dat je nu eenmaal verder moet op de ingeslagen weg of je nu wilt of niet, dat vluchten niet meer kan, dat je hele leven een zoektocht is en dat je toch nooit zult vinden, dat het geen zin heeft om te vragen naar het waarom omdat je toch nooit antwoord krijgt, dat je jezelf en je god nooit kunt begrijpen omdat jezelf en je god ondoorgrondelijk zijn en dat je je daar maar bij neer moet leggen en moet proberen om er maar het beste van te maken. En dat heb je dus maar gedaan. Je bent een medespeler geworden in het spel waar je zelf de regels niet van bedacht hebt. Je hebt al zoveel littekens opgelopen, verdriet en pijn gehad, maar je dacht dat het niet anders kon. Kennelijk kan dat dus wel en is er toch een uitweg uit dit tranendal. Alles is al zo vaak gezegd maar er is nog nooit geluisterd.
 

Hoe deze site gebruiken
Op deze site staan wat richtingaanwijzers van mensen die je voorgegaan zijn, waardoor je kunt controleren of je op de goede weg zit. Je zult ze pas herkennen als je op weg gegaan bent. Je leven veranderen doe je niet met je hoofd, maar door het leven anders te leven. Wie denkt dat hij nou eenmaal zo is, zal nou eenmaal zo doodgaan. Wie benauwd leeft zal benauwd sterven. Wie nu niet kan loslaten zal het dan ook niet kunnen.

De toestand in de wereld
Overal ruzies, haat, onvrede, eenzaamheid, depressie, angst, verdriet en pijn, onzekerheid, wanhoop, agressie, zorgen en problemen, bloed, zweet en tranen. Volle ziekenhuizen en gevangenissen, alcoholisten en drugsverslaafden, burgeroorlogen, martelingen, 500 miljard dollar voor bewapening, in 2000 jaar 5000 oorlogen. 600 miljoen hongerenden, miljoenen vluchtelingen, verkeersslachtoffers, epidemieën van kanker, hart- en vaatziekten en geslachtsziekten. Moord en doodslag, abortus, zelfmoord, echtscheidingen, werkeloosheid, gehandicapten, milieuvernietiging. En toch zeggen mensen dat ze het zo goed hebben. Dat vereist veel zelfbedrog en het vervelende van zelfbedrog is dat je de bedrieger altijd bij je draagt.
 
 

Geen mens heeft het recht om te bepalen hoe een ander mens moet leven. Kinderen zijn ook mensen!

 

Aanklacht van een rechtvaardige
Lang geleden en in een land hier ver vandaan hadden alle mensen boter op hun hoofd en iedereen vond dat normaal. Er waren mensen met roomboter, kruidenboter, halfvolle boter en ontelbare andere botermelanges op hun hoofd, maar ieder vond alleen zijn eigen boter de ware. Daar maakten ze ruzie over, vochten oorlogen uit en verketterden elkaar met vele scherpzinnige argumenten.

Het merkwaardige was dat de kinderen die er werden geboren helemaal niets op hun hoofdjes hadden en dat alle boterhoofden dat toch prachtig vonden. Misschien herinnerde het hen aan hun kindertijd, hun verloren kinderparadijs, waar ze heimelijk wel eens naar terugverlangden en toch droomden ze van een kind dat zou opgroeien tot een waardig en aangepast lid van de boterhoofden. Daartoe zetten ze al spoedig alles in het werk om het kinderhoofdje van een passende laag boter te voorzien.

Nou was er in dat land een bewoner die niet gelukkig was. Hij had over zijn onbehagen veel en lang nagedacht en was tot de conclusie gekomen dat dat ongetwijfeld door zijn beboterde hoofd kwam. De enige zinnige oplossing opperde hij was om zich van zijn boterlast te ontdoen. Zijn landgenoten waarschuwden hem: doe niet zo gevaarlijk, pas je aan, doe normaal, zonder boter ben je niets meer. Hij was vastberaden en zette door. En zie, hoe meer hij zich van zijn boter bevrijdde hoe helderder het hem werd maar hoe eenzamer zijn worsteling. Tot op een dag, hij was de wanhoop nabij, als bij toverslag het laatste restje boter verdwenen was. Tegenwoordig zou men zeggen dat de schellen hem van de ogen gevallen waren. Toen zag hij pas echt in wat voor rare wereld hij leefde en hoe merkwaardig zijn landgenoten zich gedroegen. Hij probeerde erover te praten. Ze lachten hem uit of werden boos. 

Om niet op te vallen deed hij weer boter op zijn hoofd en speelde het spel mee maar het leven van een ongeboterde tussen boterhoofden valt niet mee. Wat hem het meest aan het hart ging waren de kinderen waar hij zoveel van zichzelf in herkende en die hij overal om zich heen tot boterhoofden zag verworden. Hij werd argeloos als een duif en listig als een slang en schreef uiteindelijk deze korte handleiding over hoe je van boterhoofd weer mens kunt worden.
 

Jorge Luis Borges

In "De Cultus van het Boek" verhaalt Borges over een parabel van Nathaniel Hawthorne. "Hawthorne voorziet daarin een moment waarop de mensen, moe van het zinloze opeenhopen, besluiten het verleden te vernietigen. In de vroege avond komen zij hiertoe bijeen op een van de uitgestrekte gebieden in het Westen van Amerika. Naar die vlakte komen mensen uit alle uithoeken van de aarde. 

In het midden bouwen zij een gigantische brandstapel die zij voeden met alle stambomen, met alle diploma's, met alle medailles, met alle ordes, met alle volmachten, met alle schilden, met alle kronen, met alle scepters, met alle tiara's, met alle purperen mantels, met alle baldakijnen, met alle tronen, met alle alcoholica, met alle koffiezakken, met alle theeblikken, met alle sigaren, met alle liefdesbrieven, met al het geschut, met alle zwaarden, met alle vlaggen, met alle oorlogstrommen, met alle marteltuigen, met alle guillotines, met alle galgen, met alle edele metalen, met al het geld, met alle eigendomsbewijzen, met alle grondwetten en wetboeken, met alle boeken, met alle mijters, met alle dalmatieken, met alle heilige schriften die vandaag de dag de Aarde bevolken en vermoeien. Hawthorne slaat de verbranding verbaasd en enigszins geschokt gade; een man met een bedachtzaam uiterlijk zegt tegen hem dat hij niet blij of bedroefd hoeft te zijn, want de omvangrijke vuurpiramide heeft slechts verteerd wat in de dingen verteerbaar was. 

Een andere toeschouwer - de duivel - merkt op dat de impresario's van de holocaust vergeten zijn het essentiele op de stapel te gooien, namelijk het menselijke hart waarin elk kwaad wortelt, en dat ze enkel wat vormen hebben vernietigd. Hawthorne besluit als volgt: "Het hart, het hart, die kleine, onbegrensde bol, voedingsbodem van de erfzonde, waarvan de misdaad en de misere op aarde slechts enkele symbolen van zijn. Laten we die inwendige bol reinigen, en de vele vormen van het kwaad die deze zichtbare wereld verduisteren zullen vluchten als hersenschimmen, want werken wij enkel met ons verstand en proberen wij met dat onvolmaakte instrument wat ons kwelt te onderkennen en te verbeteren, dan zal heel onze inspanning een droom zijn. Een zo onwezenlijke droom dat het er niets toe doet of de brandstapel, die ik zo getrouw beschreven heb, een zogenaamd reëel gegeven is, een vuur dat onze handen schroeit, of een verzonnen vuur, een parabel".

Deze site gaat over het reinigen van die kleine bol. Niet het hart, zoals Borges schrijft, maar het hoofd. Als klein kind was je hoofd nog leeg. Geen meningen, overtuigingen, geloven, kennis, opgelegde normen en waarden, valse behoeften, wetten en voorschriften bevolkten nog het brein. Niets te verliezen en dus niet bang. Alles wat aangeleerd is kan weer afgeleerd worden, zodat het begin weer als het eind zal zijn. Alles waarmee het mensdom de aarde bevuild heeft, zijn slechts producten van valse behoeften.

Wie vertrouwt op anderen vertrouwt niet op zichzelf. Wie anderen gelooft gelooft zichzelf niet. Wie gelooft in theorieën  kan niet helder zien. Wie zijn eigenbelang nastreeft doet dat ten koste van het algemeen belang. Wie probeert de kool en de geit te sparen zal zijn hele leven blijven worstelen. Het is alles of niets.


Geloven is niet zeker weten
Mensen geloven op gezag van anderen die het ook niet zeker weten omdat ze het ook weer van een ander hebben tot in het verre duistere verleden. Wat je gelooft is dus nooit bewezen, kun je niet zien en niet ervaren. Zo geloven mensen in theorieën over erfelijkheid, evolutie, en vooruitgang. Niemand ziet het, niemand ervaart het maar velen geloven het. Met al die geloven praten mensen recht wat krom is, rechtvaardigen daarmee hun onrechtvaardigheid, excuseren daarmee hun wandaden, verklaren daarmee wat ze niet begrijpen en gaan zo door op de ingeslagen weg. En als ze vast dreigen te lopen bedenken ze een nieuwe theorie met nieuwe goedgelovigen. Wie zich beroept op gedachten van anderen, op wat generaties voor hen bedacht hebben, wie voortbouwt op theorieën van anderen, wie zijn schijnzekerheden ontleent aan wat hij gelooft, ontloopt de verantwoordelijkheid voor zijn eigen hersenspinsels en leven. Nog steeds bepalen de schoonschijnende verzinsels van al die onrustige en ingewikkelde geesten die millennia-lang de dienst uitgemaakt hebben, de manier waarop mensen moeten leven. Nooit is er geluisterd naar de eenvoudigen, de kinderen, de rechtvaardigen, de ongeletterden en de machtelozen.

Met kromme stenen  bouw je een kromme muur, met zieke mensen een zieke maatschappij. In een kromme muur passen geen rechte stenen en in een zieke maatschappij geen gezonde mensen.

Als je je kinderen niet wil zien opgroeien in deze zieke maatschappij, als je ze wil behoeden voor alle ellende die je zelf al hebt meegemaakt, als je ze niet dezelfde fouten wil zien maken als je zelf in je leven hebt gemaakt, als je niet wilt dat ze dezelfde mist ingaan waar je zelf in zit, als je wilt dat ze net zo onbevangen blijven als ze zijn, kortom, als je echt van ze houdt dan moet er echt iets veranderen. Verbeter dan eerst jezelf, steeds verder en verder tot je klaar bent en dan pas, als je met velen zult zijn, zal de wereld veranderen. Als je daar niet toe bereid bent, als je denkt dat dat toch niet kan omdat anderen zeggen dat dat niet kan, blijf dan zitten waar je zit maar zeur dan niet als je niet gelukkig bent. Als je denkt dat je nu eenmaal zo bent en toch niet kunt veranderen, omdat geleerden zeggen dat het in je genen zit, schuif dan de verantwoordelijkheid voor je ellende maar af op de anderen en de omstandigheden en wentel je in je zelfmedelijden. Als je denkt dat je het haalbare bereikt hebt in je leven, klaag dan niet als je niet gelukkig bent.
 

Het dagelijkse nieuws
Elke dag weer braken krant en televisie de symptomen van deze zieke maatschappij over de lezers en kijkers uit en mensen nemen er kennis van en gaan over tot de orde van de dag. Juichend over de prestaties en verontwaardigd over alle ellende en niet beseffend hoe die onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn ventileren deskundigen schaamteloos hun meningen. Velen wijzen op zieke plekken die bestreden moeten worden, dragen oplossingen en wijzen schuldigen aan. Er moeten meer wetten komen en straffen moet zwaarder. Steeds meer macht om deze maatschappij die uit zijn voegen barst te beheersen, steeds hogere dijken om het water te beteugelen, steeds meer regels om de burger op zijn plaats te houden. Ingewikkelde mensen schrijven ingewikkelde stukken om ingewikkelde problemen op te op te lossen en de verwarring wordt alleen maar groter.
De mens en de natuur laten zich beteugelen, maar barsten overal uit hun kunstmatige harnas of kwijnen daarin weg. Zou het niet eindelijk tijd worden om het harnas te verwijderen?
 
 

Macht eindigt nooit door macht. Macht eindigt door liefde, dat is de eeuwige wet.

 

Kleine kinderen
Zij laten je zien wat je ooit was. Onbevangen, gaaf, spontaan, argeloos, natuurlijk, tevreden, zonder verleden en toekomst, niet gehinderd door enige kennis, eerlijk en schaamteloos. En kijk hoe ze verkreukeld worden in het proces wat mensen opvoeding noemen. Hoe ze verworden tot kinderachtige volwassenen, opgezadeld met het onverwerkte verleden van hun opvoeders. Oneerlijk, gevangen in hun overtuigingen, gedreven door hun willen, ontevreden, onvrij, onecht, tegenstrijdig, innerlijk verdeeld en verdwaald in deze zelfgeschapen krankzinnige maatschappij
Altijd zijn de kinderen het slachtoffer, overal gaan ze de dezelfde mist in waar hun ouders in zitten. Met de beste bedoelingen verdrijven zij hen uit hun kinderparadijs en zij beseffen niet wat zij doen. Het enige wat kinderen van hun ouders kunnen leren is hoe het niet moet. Maar naar hen wordt nooit geluisterd, terwijl zij het voorbeeld zijn van hoe de mens oorspronkelijk was en zou kunnen zijn.
 

Edgar Allan Poe
Uit: The Colloquy of Monos and Una. Augustus 1841

 
Eerst nog iets anders, mijn Una, met betrekking tot de algehele toestand van de mens in deze tijd. Je zult je nog wel herinneren dat een of twee wijze voorouders van ons - werkelijk wijs, hoewel niet in de ogen van de wereld - het hadden gewaagd om te twijfelen aan de juistheid van het woord 'verbetering' wanneer dat werd gebruikt in verband met de voortgang van onze beschaving. In ieder van de vijf of zes eeuwen voor onze dood, waren er periodes waarin een krachtig intelligent figuur verscheen, die zich sterk maakte voor principes waarvan het waarheidsgehalte nu voor ons verlichte verstand zo volkomen duidelijk is - principes die ons ras hadden moeten leren dat het beter was zich te onder werpen aan de richtsnoeren van de wetten der Natuur dan te proberen die onder controle te krijgen. 

Met grote tussenpozen verschenen er enige meesterbreinen die iedere voortgang in de praktische wetenschap beschouwden als een achteruitgang van het werkelijke nut ervan. Af en toe is het poëtische intellect - dat intellect dat nu naar ons gevoel het meest verhevene van alle is - omdat de waarheden ervan voor ons de meest blijvende betekenis hadden en alleen gevonden konden worden door die analogie die slechts tot de verbeelding spreekt en geen belang heeft voor de onbeholpen geest - af en toe is zo'n poëtisch intellect een stap verder gegaan bij het tot ontwikkeling brengen van filosofische ideeën en vond het in die mystieke parabel die over de boom der kennis verhaalt, en over zijn verboden vruchten, die de dood met zich meebrengen, een duidelijke aanwijzing dat kennis voor de mens met zijn kinderlijke ziel niet passend was. 

En deze mensen, de dichters, die leefden en stierven, terwijl ze werden veracht door de 'utilitaristen', de grove betweters die zich arrogant een titel hadden aangemeten die slechts op juiste wijze gebruikt had kunnen worden met betrekking tot diegenen die veracht werden, deze mensen, de dichters, dachten smachtend, maar niet onverstandig, na over de oude tijden toen onze behoeften minder gecompliceerd waren en we intenser van iets konden genieten - tijden waarin vrolijkheid een onbekend woord was, omdat geluk zoiets intens en plechtigs was - heilige, verheven en gelukkige tijden, toen blauwe rivieren oningedamd voort stroomden, tussen heuvels vol bomen die niet gekapt waren, naar verre verlaten bossen, oeroud, welriekend en nog nimmer verkend.

Toch dienden deze edele uitzonderingen op de algemene - verkeerde - regel, slechts om die laatste door oppositie te versterken. Helaas!  We hadden de kwaadste van onze kwade dagen bereikt! De grote 'beweging' - dat was de huichelachtige term die ervoor werd gebruikt - ging verder; een ziek tumult, zowel in moreel als in lichamelijk opzicht. Kunst - de Kunsten - werden oppermachtig en toen zij eenmaal op hun troon zaten, ketenden zij het intellect dat hun de macht gegeven had. Omdat de mens de majesteit van de Natuur wel moest erkennen, begon hij kinderlijk te jubelen over het feit dat hij haar elementen in de hand had en nog steeds verder in de hand kreeg. Zelfs terwijl hij, naar eigen idee, trots voortschreed als een God, werd hij bevangen door een infantiele imbeciliteit. Zoals gezien de oorsprong van zijn verwarring verondersteld mocht worden, raakte hij door systeem- en abstractiezin besmet. Hij wentelde zich in algemeenheden. 

Naast andere merkwaardige ideeën, won die van algehele gelijkheid terrein. En voor het aangezicht van God en gebruik makend van analogie-redeneringen, ondanks de luide waarschuwende stem van de wetten der gradatie die zo duidelijk betrekking hadden op alle dingen op aarde en in de hemel, werden er wilde pogingen ondernomen voor het verkrijgen van een overal heersende democratie. Maar toch sproot dit kwaad noodzakelijkerwijs voort uit het grootste kwaad - Kennis. De mens kon niet tegelijkertijd over kennis beschikken en zich overgeven. In die tussentijd verschenen er talloze grote, rokende steden. Groene bladeren verschrompelden ineen voor de hete adem van de ovens. Het mooie gezicht van de Natuur raakte misvormd, als verwoest door de een of andere ziekte.

Vroegtijdig door een onmatige kennis daartoe gebracht, naderde de wereld haar oude dag. Dat zag het merendeel van de mensheid niet, of deed net alsof hij het niet zag, wulps, hoewel ongelukkig voortlevend. Maar de geschiedenis der aarde had mij geleerd dat de prijs die voor de hoogste beschaving betaald moest worden, een zeer grote verwoesting is.

Op dat moment spraken we in de schemering over de tijden die zouden komen wanneer het door de Kunst gewonde oppervlak van de aarde, na die zuivering te hebben ondergaan die de rechthoekige obsceniteiten kon verdrijven, zich opnieuw zou hullen in het groen en de berghellingen en het glimlachende water van het Paradijs en uiteindelijk een geschikte woonplaats voor de mens zou worden; van de door de Dood gezuiverde mens - voor de mens voor wiens nu verheven intellect kennis niet langer vergif met zich mee zou brengen - voor de verloste, wedergeboren, gelukkige en nu onsterfelijke, maar nog steeds stoffelijke mens.


De schone schijn
Er zijn zoveel goede dingen in de wereld zeggen de mensen, maar dat is de ene kant van de medaille die niet zonder de andere kant kan bestaan. Tegenover alle verworvenheden staat verwording en onlosmakelijk zijn ze verbonden. Achter de mooie façade van de welvaartsstaat gaat een wereld van ellende schuil. Dat is de tol die de mensheid betaalt voor zijn kortzichtigheid.
In deze gespleten wereld bestaat geen goed zonder kwaad, geen voor zonder tegen, geen verworvenheden zonder verwording, geen rijkdom zonder armoe, geen God zonder duivel, geen toekomst zonder verleden. Als je je wilt ontdoen van het kwaad, het tegen, de verwording, de armoe, de duivel en het verleden, moet je je ook ontdoen van het zogenaamde goed, het voor, de verworvenheden, de rijkdom, je God en je toekomst.
 

Een mooi sprookje  eindigt met de woorden: en zij leefden nog lang en gelukkig.

Maar voor het zover is heeft de hoofdpersoon moeilijke opdrachten moeten vervullen, machtige tegenstanders moeten verslaan, reuzen en zevenkoppige draken op zijn weg gevonden en vele gevaren doorstaan. Zo is iedereen de hoofdpersoon in zijn eigen leven en de opdrachten die hij moet vervullen om de schat te vinden levert het leven zelf. De reuzen en draken zijn je meningen, je gewoonten, je vanzelfsprekendheden, je eigenwijsheid, je belangen, tradities, overtuigingen en schijnzekerheden.
En ze bieden hardnekkig weerstand en lijken onoverwinnelijk, maar het is mogelijk. Als je ze verslagen hebt zie je ze nooit meer terug. Al je heilige huisjes zul je met de grond gelijk moeten maken, want die staan je alleen maar in de weg. Je belangrijkste wapen is een absolute eerlijkheid, je bondgenoot de stem van je hart. Uiteindelijk zul je bij jezelf uitkomen en nog lang en gelukkig leven.

Mensen hebben geleerd dat pijn en verdriet, zorgen en problemen, angst en wanhoop nu eenmaal bij het leven horen. Die horen bij hun manier van leven en als je je daarvan wilt bevrijden moet je dus je leven veranderen. Alles wat in je hoofd zit is aangeleerd, alles kun je dus weer afleren. Durf naar jezelf te kijken en wees je eigen held!

Je hebt geen moeilijke en dikke boeken nodig, geen ingewikkelde woorden en begrippen, geen oefeningen, geen cursussen, geen leermeesters of goeroes. Je kunt het allemaal zelf als je maar vertrouwen hebt in jezelf. Eerlijkheid kost niets.
 

De terugreis
Deze tocht is alleen voor mensen die in zichzelf durven geloven. Wie niet bereid is zijn vanzelfsprekendheden en zijn overtuigingen ter discussie te stellen kan niet mee en blijft zitten waar hij zit. Wie denkt dat hij toch niet kan veranderen, omdat hij nu een maal zo is, zal nooit vertrekken en wie nooit vertrekt zal nooit aankomen. Wie gelooft dat je de uitweg toch nooit zult vinden, zal blijvend in de doolhof blijven dwalen. Wie gelooft in de vooruitgang kan nooit het spoor terug volgen. Wie gelooft dat je je toch nooit van je bagage kunt ontdoen zal zijn last tot de laatste snik meedragen. Wie blijft geloven zal nooit weten, maar wie oprecht zoekt zal vinden.

De enige leidraad is:
 
 

Wat gij niet wilt dat u geschiedt, doet dat ook de ander niet